Verslag van het Bestuur

2015 stond voor ons in het teken van een verdere migratie naar de servicegerichte organisatie die wij voor al onze stakeholders willen zijn. Wij streven onverminderd naar accuratesse, snelheid en efficiency en voerden daarom in het verslagjaar meerdere procesverbeteringen door. De resultaten hiervan waren duidelijk zichtbaar in de financiële resultaten. Wij behaalden records op het gebied van gefactureerde licentie-inkomsten, licentie-ontvangsten en doorbetalingen.

Financiële resultaten

De totale gefactureerde licentie-inkomsten, licentie-ontvangsten en doorbetalingen waren niet eerder zo hoog als in 2015. Wij factureerden in totaal € 68,4 miljoen aan muziekgebruikers; 4,2 procent meer dan in 2014. Dit kwam op het conto van de Nederlandse incasso, die € 3,1 miljoen hoger lag dan vorig jaar. De buitenlandse incasso daarentegen bleef iets achter op 2014 (- € 358 duizend).

Net als in 2013 lagen de licentie-ontvangsten hoger dan de gefactureerde licentie-inkomsten. In totaal bedroegen de licentie-ontvangsten € 69,5 miljoen (101,6%). Dit is het gevolg van een zeer proactief debiteurenbeleid en de handhaving van de aanmeldkorting, wat tot een beter betalingsgedrag van muziekgebruikers heeft geleid.

Bruto betaalden we € 70,6 miljoen door aan onze rechthebbenden. De doorbetaling kwam uit op recordhoogte. Twee versnellingen in het doorbetalingsproces zijn doorgevoerd. Ten eerste bedroeg de maartbetaling € 29 miljoen oftewel 57 procent van de totale doorbetaling in 2015. Ten tweede betaalden wij in het verslagjaar voor het eerst in onze bestaansgeschiedenis door over geïncasseerde licentie-ontvangsten die betrekking hadden op hetzelfde jaar, 2015.

Het te verrekenen tekort werd begin 2015 volledig ingelopen. Hiermee konden wij het inhoudingspercentage op de Nederlandse incasso per muziekjaar 2015 verlagen van 16 naar 12 procent. Tegelijkertijd is op de buitenlandse incasso een inhouding van 4 procent voor EU- en EVA-landen en een inhouding van 6 procent voor de rest van de wereld ingevoerd.

Einde beleidsperiode 2013-2015

Ultimo 2015 liep de beleidsperiode 2013-2015 af. Aan de pijlers Professionaliseren, Digitaliseren en Internationaliseren is op vele manieren invulling gegeven.

Professionaliseren

De doelstellingen die wij voor 2015 koppelden aan de pijler Professionaliseren zijn gerealiseerd, onder andere met de vernieuwing van de portals MySena en Mijnlicentie. In 2015 zijn wij eveneens gestart met het verwerken van playlists direct na ontvangst. Voorheen wachtten wij tot we alle playlists van een kalenderjaar hadden ontvangen en samengevoegd. Wij verwerken alleen repertoire dat daadwerkelijk is gespeeld. De toekenning van de ISAE 3402 Type 2 verklaring voor de doorbetalingsprocessen is eveneens een goed voorbeeld van de verdere professionalisering binnen Sena.

Digitaliseren

Ook op het vlak van digitalisering realiseerden wij onze doelstellingen, met uitzondering van het verkrijgen van vrijwillige mandaten voor de licensering van digitale interactieve muziekdistributievormen. Hierin was onze vooruitgang gering, al heeft de verschuiving van lineair naar on demand kijken en luisteren tot op heden minder impact gehad dan wij voorzagen.

Per 2015 schakelden wij over op het digitaal verspreiden van afrekennota’s. Behalve een efficiencyslag had dit ook een aanzienlijke besparing in print- en portokosten tot gevolg.

In het verslagjaar hebben wij onze communicatiestrategie geëvalueerd. Hieruit kwam de intentie om onze communicatie verder te digitaliseren voort. Ook zullen wij de beschikbare sociale mediakanalen intensiever gaan inzetten.

Internationaliseren

Hoewel wij onze contacten met de Nordics in het kader van de beleidspijler Internationaliseren hebben geïntensiveerd, bleek dat we voor het zetten van echte stappen richting een uitbreiding van de samenwerking geen vooruitgang konden boeken. Het bleef vooralsnog bij een uitwisseling van kennis en ervaring. De Finse zusterorganisatie heeft overwogen om ons repartitiesysteem in gebruik te nemen. De definitieve keuze is gevallen op een andere leverancier.

De bouw van de Virtual Repertoire Database (VRDB 2.0) zal er uiteindelijk toe gaan leiden dat alle leden van SCAPR, de internationale koepelorganisatie van Collectieve Beheersorganisaties voor uitvoerende kunstenaars, gebruik gaan maken van een gestandaardiseerd uitwisselingsprotocol. In de VRDB leggen de leden één unieke versie van een commercieel fonogram en gestandaardiseerde line-up informatie vast. Op den duur zullen ook alle playlistdata binnen VRDB beschikbaar komen. De lancering van de VRDB staat gepland voor de tweede helft van 2016.

Service

Sena is bovenal een serviceorganisatie die streeft naar transparantie in informatievoorziening aan diverse groepen stakeholders en accuratesse in doorbetaling aan rechthebbenden. Wij voeren continu procesverbeteringen door die onze ambities op dit vlak waarmaken. In dit kader biedt de opkomst van fingerprinting een geweldige kans. Fingerprinting betreft het geautomatiseerd registreren van gebruik van fonogrammen uitgezonden op radio en/of TV op basis van een algoritmische herkenning door een uniek profiel/kenmerk. Deze technologie maakt het mogelijk om met een grote mate van volledigheid en nauwkeurigheid, gespeelde tracks te identificeren. Vanzelfsprekend kunnen wij door de inzet van fingerprinting een verhoogde accuratesse, efficiency en snelheid bereiken.

Wij inventariseerden in 2015 samen met Buma/Stemra welke fingerprinting dienstverleners de door ons gewenste datakwaliteit kunnen leveren. Met enkele hoogwaardige leveranciers voerden wij een test uit waarbij de kwaliteit van de gemonitorde data vergeleken is met de door televisie- en radiozenders aangeleverde playlistdata. In 2016 zal voor alle playlists schaduwgedraaid gaan worden in aanloop naar een volledige overgang op fingerprinting.

Met nadrukkelijke instemming van de Raad van Aangeslotenen focussen wij ons naast snelheid en efficiency specifiek op accuratesse. Wij kijken derhalve met nog meer zorg naar de lagere voor doorbetaling openstaande bedragen. Het zoeken van deze rechthebbenden neemt veel tijd in beslag. De post niet doorbetaalde bedragen blijft daardoor relatief hoog.

Rechthebbenden die een vraag hebben over hun doorbetaling of door ons ondersteund willen worden bij bijvoorbeeld repertoireaanlevering kunnen sinds 1 juni 2015 terecht bij de nieuw geformeerde Servicedesk. Dit team van medewerkers biedt eerste- en tweedelijns ondersteuning. Hiermee kunnen wij minder complexe issues sneller oplossen voor onze rechthebbenden.

Verlenging CBO-Keurmerk

Voor het vijfde achtereenvolgende jaar verleende VOI©E naar aanleiding van het bindend advies van het Keurmerkinstituut het CBO-Keurmerk aan ons. Op basis van de audit op 1 september 2015 constateerde het instituut dat wij aan alle criteria voldoen die in het CBO-Keurmerk zijn vastgelegd, waaronder de Principles en Best Practice-bepalingen van de Richtlijnen goed bestuur en integriteit CBO’s. Wij mogen het keurmerk weer een jaar lang voeren.

Klachten en geschillen

In 2015 ontvingen wij in totaal drie klachten van rechthebbenden, waarvan er aan het eind van 2015 één afgehandeld werd. Ook ontvingen wij honderdvijfendertig commentaren van rechthebbenden. Een commentaar is een melding waaruit blijkt dat een rechthebbenden het niet eens is met de hoogte van de door ons betaalde vergoeding of met het ontbreken van uitbetaling van vergoedingen. Wij handelden negenennegentig commentaren naar tevredenheid af. De per ultimo 2015 nog openstaande klachten en commentaren zullen wij in 2016 aanvullend behandelen.
Honderdenelf muziekgebruikers dienden een klacht in bij ons, waarvan we er in 2015 honderdentwee afhandelden. In 2015 ontstond met één muziekgebruiker een geschil.

Ontwikkelingen in wet- en regelgeving

Op 2 juli 2015 is het Wetsvoorstel tot wijziging van de Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties bij de Tweede Kamer ingediend. Dit vond plaats in verband met de implementatie van Richtlijn 2014/26/EU van het Europees parlement en de Raad van Ministers, betreffende het collectief beheer van auteursrechten en naburige rechten en de multiterritoriale licentieverlening van rechten inzake muziekwerken voor het online gebruik ervan op de interne markt.
De richtlijn heeft drie primaire doelen. Allereerst de harmonisatie van de nationale regelgeving over de toegang tot het beheer van auteurs- en naburige rechten door collectieve beheersorganisaties. Ook schrijft de richtlijn regels voor over de governance van, en het toezicht op, collectieve beheersorganisaties. Daarnaast beoogt de richtlijn de uitgifte van multiterritoriale auteursrechtelijke licenties voor het online gebruik van muziekwerken op de interne markt te vergemakkelijken. De richtlijn diende uiterlijk 10 april 2016 in Nederlands recht te zijn omgezet. De richtlijn wordt geïmplementeerd door middel van een wijziging van de Wet toezicht en geschillenbeslechting collectieve beheersorganisaties (Wet toezicht). De implementatiedatum is niet gehaald.

Het is onze mening dat muziekdiensten binnen de Europese Unie grensoverschrijdend vrijelijk gebruikt zouden moeten kunnen worden - mits correct gelicenseerd. Daarnaast moet het voor gebruikers eenvoudiger worden om een licentie voor meerdere EU-landen bij één collectieve beheersorganisatie te verkrijgen.

Juridische ontwikkelingen

Wij waren in 2015 partij in drie gerechtelijke procedures. Eén procedure spanden wij zelf aan. De andere twee procedures lopen reeds een aantal jaren. Wij verwachten dat er wellicht eind 2016 meer duidelijkheid zal zijn over de uitkomst van deze procedures.

Commerciële ontwikkelingen

In 2015 kwamen wij een nieuw contract overeen met de Nederlandse Publieke Omroep (NPO). Hiermee is het muziekgebruik door de NPO tot 2018 gelicenseerd. Wij troffen met de NPO eveneens een eenmalige regeling over de afkoop van de voorgaande jaren. Een vergoeding voor Amerikaanse rechthebbenden voor digitale openbaarmakingen op basis van het WPPT-verdrag uit 2010 maakte daar deel van uit.
Met de Vereniging Commerciële Radio (VCR) zijn informele gesprekken gevoerd over de totstandkoming van een overeenkomst. De implicaties van het WPPT-verdrag zijn hierbij het voornaamste struikelblok. De diverse andere belangen die binnen de VCR spelen belemmeren de voortgang aanzienlijk.

In afwachting van een definitieve uitspraak in de lopende hoger beroepprocedure tegen de organisatoren van dance-events hebben wij de markt actief bewerkt. Met SFX Europe is in oktober, mede met het oog op de penibele financiële situatie van de holding SFX Entertainment, finale overeenstemming bereikt over de licensering met terugwerkende kracht voor de periode 2010 tot en met 2013.

Binnen het segment Algemene licenties deed zich een verschuiving voor van individuele naar collectieve licenties. Binnen de fitness-sector traden een aantal fitnessketens toe tot de collectieve overeenkomst die wij met de branchevereniging Fit!Vak hebben. Eenzelfde tendens was zichtbaar in de zorgsector.

De resultaten van het Service Centrum Auteurs- en Naburige rechten (Scan), een joint venture met Buma, hebben in 2015 aanzienlijk bijgedragen aan de totale licentie-inkomsten.

Meer uit muziek halen

Ons nieuwe beleidsplan, opgesteld in 2015, bouwt voort op onze overtuiging dat muziek een waardevol onderdeel is en blijft van de bedrijfsvoering van onze klanten. Daarbij beseffen wij ons dat internationalisering, verdere digitalisering en mogelijk deregulering invloed hebben op de wijze waarop wij die waarde voor onze rechthebbenden het meest effectief en efficiënt kunnen realiseren. Wij zetten daarom voor de beleidsperiode 2016-2018 in op een verdere verbetering van onze dienstverlening, zodat wij accuraat, snel en efficiënt nog meer uit muziek kunnen halen.

Tegelijkertijd zien wij het als onze taak om via ons platform Muziek Werkt ondernemers te blijven informeren over de waarde van muziek. Zij onderschatten het belang hiervan maar al te vaak of schakelen uit kostenoverweging over op muziek van inferieure kwaliteit. De juiste inzet van muziek garandeert vaak een hogere omzet, tevredener klanten en gemotiveerde medewerkers die beter presteren. Effecten die met een investering van een paar honderd euro en vaak nog minder te realiseren zijn. Welk ander aspect van de bedrijfsvoering biedt een grotere Return on Investment?

Onze ambities

Wij zien de noodzaak om ons in de komende jaren te richten op het consolideren van onze positie in onze huidige markt voor openbaar gebruik. Dat betreft het beheer van mandaten voor rechthebbenden vanuit de exclusieve positie die wij hebben voor incasso en repartitie samenhangend met licenties van muziekgebruik in Nederland. Hierbij ligt de focus op het behouden van huidige individuele, collectieve en media licentieovereenkomsten. Waar mogelijk streven we ernaar deze inkomsten te laten groeien. Onze core competence (beschikbare data met betrekking tot muziekgebruik steeds beter, vollediger en klantvriendelijker ontsluiten) moet hier een bijdrage aan leveren door ook voor muziekgebruikers additionele meerwaarde te bieden.

Wij willen daarnaast onze rechthebbenden meer toegevoegde waarde bieden, om te kunnen concurreren met het stijgende aantal agenten dat grote artiesten vertegenwoordigt voor de internationale incasso. Het behouden van internationale mandaten voor Nederlandse rechthebbenden heeft onze volle aandacht. Op middellange termijn zien we mogelijkheden om in een veranderende constellatie van samenwerkende CBO’s, actief Europese mandaten voor internationale artiesten en producenten te verwerven.

Onze uitdagingen

We onderkennen ten aanzien van onze ambities diverse ontwikkelingen die ons werk raken. De ‘Netflixisering’ van de mediaconsumptie neemt nu echt grote vormen aan. Kijkers en luisteraars bepalen steeds vaker zelf wanneer en hoe zij muziek beluisteren. Als gevolg van e-commerce verdwijnen veel winkels uit het straatbeeld. ‘Het Nieuwe Werken’ leidt tot minder werkplekken en fte’s, onze grondslag voor facturering. Ook datakwaliteit is een belangrijk thema. Rechthebbenden verwachten meer detailinformatie, een uitgebreidere specificatie van de afrekennota en meer snelheid in dat proces. De politiek focust op haar beurt eveneens op efficiëntie zodat rechthebbenden goed en goedkoop, in de zin van een laag inhoudingspercentage, bediend kunnen worden. Zij stuurt mede daarom aan op een intensivering van de samenwerking met andere CBO’s.

 

Blik op de toekomst

De hierboven beschreven uitdagingen zullen de groei in het volume van onze gefactureerde licentie-inkomsten onder druk zetten. En omdat rechthebbenden steeds hogere eisen aan ons stellen op het gebied van transparantie, komt ook het kostenpercentage onder druk te staan. De buitenlandse inkomsten zullen naar verwachting dalen door de toenemende intensiteit in marktbewerking door agenten en de tendens dat grote rechthebbenden de buitenlandse incasso in eigen beheer willen uitvoeren. Wij zijn ervan overtuigd dat dit op verschillende manieren te pareren is. Wij focussen ons in de komende beleidsperiode daarom op nieuwe ontwikkelrichtingen op het vlak van dataontsluiting, dataverrijking en (inter)nationale samenwerking en uitbreiding van onze dienstverlening aan Independent labels en eigen beheer producenten.

Flexibiliteit en passie

De recente ontwikkelingen op de buitenlandse incasso hebben goed zichtbaar gemaakt dat wij aan de ene kant acteren vanuit onze exclusieve positie en tegelijkertijd activiteiten verrichten in een open markt, daar waar het de buitenlandse inning betreft. Dit vereist een hoge mate van flexibiliteit en inzet van onze medewerkers. Zij hebben ook in 2015 weer gepassioneerd en vol overgave gewerkt om onze rechthebbenden zo goed mogelijk van dienst te zijn en hun rechten te gelde te maken. Daarvoor willen wij ook op deze plaats onze collega’s nogmaals hartelijk bedanken.

Markus Bos                                    Hans Moolhuijsen
Algemeen Directeur                    Financieel Directeur

Hilversum, 13 april 2016

 

Terug naar tijdlijn